|
There are no translations available.
NORMEN De Europese norm EN 12195-2 | Een spanband is samengesteld met drie componenten: Spanner, eindfittingenen bandweefsel. Deze componenten worden afzonderlijk getest op breeksterkte. Ieder onderdeelvan een spanband heeft dus zijn eigen breeksterkte. De krachtdie nodig is om een onderdeel te laten breken, de breekkracht, wordt overeenkomstig de Europese norm EN 12195-2 aangegeven met N (Newton). daN en kg Vroeger gebruikten wij 'kilogramkracht' als eenheid voor kracht. Voor het gemak werd dit in de spreektaal kilo(gram). Maar wetenschappelijk gezien is kg een gewichten is N (Newton) een kracht (belasting). In de norm EN-12195-2 wordt dan ookt 'N' gebruikt als het gaat om krachten. Eén daN (decaNewton) is een aanduiding voor 10 N(ewton). En 1 daN is te ongeveer te vergelijken met de aanduiding waaraan wij in onze spreektaal gewend waren: 1 kg. Een spanner met een breeksterkte van 5000 daN is dus voor ons herkenbaar als de 5000 kg breeksterkte van vroeger. | LC en Breeksterkte LCis een afkoring van ' Load Capacity' (Belastings-capaciteit). Dat is nieteen ander woord voor 'Breeksterkte'. De LC van een spanband gebruikt wèl de verschillende breeksterktes van alle onderdelen van een spanband, maar... om een aantal redenen die met veiligheid te maken hebben is een veiligheidsfactoringevoerd: • Bandweefsel: met veiligheidsfactor 1:3 • Eindfittingen/haken en spanner: veiligheidsfactor 1:2 Voorbeeld berekening LC van een spanband Het spreekt vanzelf dat de zwakste onderdeel van een spanband genomen wordt om de LC van een spanband aan te geven. De spanband bestaat uit: - Twee haken: Breeksterkte 5.000 daN - Een spanner (ratelgesp): Breeksterkte 5.000 daN - Bandweefsel: Breeksterkte 6.000 daN Vroeger werd de laagste breekkracht (5.000 daN) genomen om de sterkte van de totale spanband aan te geven: "Een 5 tons spanband". In de LC van vandaag zijn de veiligheidsfactoren verwerkt: De breekkracht van haak en ratelgesp wordt gehalveerd (Veiligheidsfactor 1:2) en wordt dus 5.000:2 = 2.500 daN. De breekkracht van het bandweefsel wordt door 3 gedeeld (Veiligheidsfactor 1:3 en wordt dus 6.000:3 = 2.000 daN. De LC waarde (de 'veilige breeksterkte') van de spanband is dus 2.000 daN. | | Een breeksterkte test met een gehele spanband | | Enkel en dubbel sjorren met 1 spanband Daarnaast is er een duidelijk onderscheid gemaakt tussen de kracht van een spanband bij 'dubbel sjorren' (bijv.' kopsjorren')en de kracht van een spanband bij 'enkel sjorren'.Wij duiden dit verschil aan met de symbolen: - Dubbel sjorren:
 - Enkel sjorren:
 Enkel sjorren heeft dezelfde waarde als de LC waarde: 2.000 daN: De spanband is aan een zijde d.m.v. haak verbonden met object, en aan andere zijde in rechte lijn verbonden met het voertuig.  | |  
| Bij dubbel sjorren wordt de lading omspannen door spanband(en) en 'trekt' daardoor deze lading stevig naar één zijde (bijv. voorkant), waardoor de kracht tweemaal gerekend mag worden. Dubbel sjorren heeft de dubbele waarde (4.000 daN). MAAR LET OP !!!! Voor het neerwaarts sjorren wordt niet de LC gebruikt, ter vaststelling van de neerwaartse kracht, echter de STF-waarde. Deze waarde is aangegeven op het label als ShF 50 daN – StF 300 daN. Dit houdt in, dat dit ratelmechanisme bij een handkracht uitgeoefend op de handgreep van 50 (kg) daN, er een neerwaartse kracht op de lading wordt uitgeoefend van 300 (kg) daN. Bij dubbel gebruik, altijd het geval bij neerwaarts sjorren en bij een hoek van 90º, mag deze waarde verdubbeld worden tot 600 (kg) daN. NB. Ergo ratels hebben een waarde SHF 50daN—STF 500 daN. Dus hiermee oefent men 1000 (kg) daN neerwaartse druk uit op de lading bij een handkracht van 50 (kg) daN op de handel van de ratel, indien dubbel gebruikt. |
|